Forumberichten

Jonas Verstraete
24 okt. 2021
In Actualiteit
Wij zijn de mening toegedaan dat u het best niet meedoet aan de switch van technologieaandelen naar waardeaandelen zoals die zich momenteel op de markt lijkt voor te doen. Technologie is een blijver, ook voor de toekomst. Tegelijkertijd stellen we vast dat alles wat ‘achtergebleven’ is op de beurzen, momenteel sterk stijgt. Wij zouden enige selectiviteit aan de dag leggen en ons niet blindelings laten meeslepen. Voor bijkomende beleggingen opteren we momenteel wel duidelijk voor waardeaandelen, maar we beperken ons tot die bedrijven die kunnen bogen op een gestage omzet en winstontwikkeling en die duidelijk een toekomstperspectief hebben. De aandelen uit de technologiesector blijven daarnaast ook in portefeuille, maar we kopen ze momenteel niet meer bij. Nu de beurzen relatief hoog staan, raadt uw bankier u aan om in waardeaandelen te beleggen, omdat die zijn achtergebleven en dus nog relatief goedkoop noteren. Welke aandelen zijn dat juist en zijn ze vandaag inderdaad nog niet duur? Spectaculair herstel. Toen in maart van dit jaar de coronapandemie ook de Westerse wereld bereikte, maakten de beurzen een spectaculaire duik. Zowel het producentenvertrouwen als het consumentenvertrouwen kreeg zware klappen. Negen maanden later lijkt een van de ergste naoorlogse beurscrisissen zo goed als overal van de tabellen geveegd. Niet alleen het herstel, maar ook de snelheid waarmee dat herstel zich doorzette, is opmerkelijk. Ten tijde van de financiële crisis van 2008 duurde het meer dan vijf jaar vooraleer de Amerikaanse sterindex, de Dow Jones, zich wist te herstellen en opnieuw zijn precrisisniveau bereikte. Bij het uiteenspatten van de dotcom-zeepbel in het jaar 2000, duurde het zelfs bijna zeven jaar alvorens de Dow Jones opnieuw hogere regionen opzocht. Tijdens de coronacrisis wachtte de Dow Jones niet eens driehonderd dagen om een nieuw record neer te zetten. De Nasdaq zette ook een van de strafste prestaties neer uit de recente beursgeschiedenis. Deze index zit wel vol met aandelen van de ‘thuisblijf’-economie, zoals Netflix en Amazon. Breed gedragen. Dat nu ook de rest van de beurzen resoluut hoger klimt, is te wijten aan drie factoren. Vooreerst zijn de verkiezingen in de Verenigde Staten al bij al rustig verlopen. Van de gevreesde onlusten viel zo goed als niets te merken. Donald Trump heeft zich ondertussen – zij het schoorvoetend – bij de overwinning van Joe Biden neergelegd. De uitkomst van de verkiezingen stelt de beleggers ook min of meer gerust. De meeste extreme kanten van het beleid van Biden zullen als het ware weggefilterd worden door de Republikeinse meerderheid in de Senaat. Daarnaast hebben verschillende farmabedrijven aangegeven dat ze efficiënte vaccins ontwikkeld hebben. Pfizer, AstraZeneca en Modena zorgden er op die manier voor dat veel beleggers menen dat de situatie nu in snel tempo opnieuw kan evolueren naar een normalisering. Hoewel hun rol op dit ogenblik wat ondergesneeuwd lijkt in de berichtgeving in de media, is de ‘onzichtbare hand’ van de centrale banken tot slot van goudwaarde voor de beurzen. Het feit dat ze nog jaren een erg accomoderend beleid zullen voeren, zal de beurzen verder stutten. Sectorrotatie. Dat na de Nasdaq nu ook een meer traditionele index zoals de Dow Jones het goed doet, heeft te maken met de samenstelling van die index. Hoewel de compositie van de oudste index ter wereld in de loop van de jaren regelmatig gewijzigd werd, omvat hij toch nog altijd heel wat waarden uit industriële sectoren, die kunnen profiteren van de normalisering van de economische situatie en die dus gevoelig zijn voor de economische conjunctuur. De beleggers vinden dat de conjunctuurgevoelige aandelen de voorbije maanden te hard zijn afgestraft, zeker nu het tij opnieuw aan het keren is. Dit soort aandelen noteert momenteel relatief goedkoop, zeker in vergelijking met de duurder geprijsde technologieaandelen, en dus worden de aandelen uit de ‘oude economie’ nu snel opgepikt. Selectiviteit. Momenteel stijgen alle aandelen uit de oude economie, ook de aandelen van ondernemingen die het al lastig hadden vóór de uitbraak van de coronacrisis. Nemen we bij wijze van voorbeeld de aandelen van de luchtvaartmaatschappijen of van de vliegtuigbouwers. Deze waarden maken nu een ongelooflijke comeback op de beurs. De situatie van dit soort bedrijven blijft momenteel echter even slecht als voorheen. Bovendien kunt u zich de vraag stellen of we na de coronacrisis nog evenveel zullen vliegen. Sommige landen gaan er alles aan doen om bijvoorbeeld korteafstandsvluchten te beperken. Daarnaast raken ook meer en meer mensen overtuigd van het feit dat ze hun ecologische voetafdruk moeten beperken waardoor ze misschien af en toe of zelfs regelmatig voor andere vervoersmiddelen zullen opteren. Tot slot maken technologieën zoals videoconferencing, zakenreizen minder noodzakelijk. Of er voor dit soort waarden ook op lange termijn wel een goede toekomst is weggelegd, blijft dus zeer de vraag. Waardeaandelen. Wellicht is het beter om in de huidige omstandigheden te opteren voor de zogenaamde waardeaandelen. Dat zijn aandelen van ondernemingen met een stabiele omzet en cashflows. Ze hebben een sterke concurrentiepositie die zo goed als onaantastbaar is en ze beschikken over een formidabele portefeuille aan merken en producten. Typische voorbeelden zijn Nestlé en Johnson & Johnson. Op lange termijn zijn dit soort aandelen zeker en vast schokbestendig. Bovendien zijn ze momenteel nog altijd achtergebleven... Technologieaandelen? Momenteel zitten de aandelen uit de technologiesector op het strafbankje. De beleggers vinden dat hun waarderingen te fors zijn opgelopen en drukken derhalve op de verkoopknop. Het zou onzes inziens echter niet verstandig zijn om het kind met het badwater weg te gooien. De technologieaandelen zijn inderdaad sterk gestegen en maken momenteel het voorwerp uit van winstnemingen. Anderzijds is hun aanwezigheid niet weg te denken uit het economisch weefsel. We zouden deze waarden dus zeker in de portefeuille houden.
0
0
0
Jonas Verstraete
24 okt. 2021
In Actualiteit
Een echte reden voor de recente stijging van de zgn. cryptomunten is er niet. Beleggen in dit soort munten is uitermate speculatief en vindt in onze ogen dan ook geen genade. Wie denkt dat het financieel systeem ooit zal kapseizen of vreest voor inflatie, koopt beter goud. Na een forse terugval doen cryptomunten zoals de bitcoin het opnieuw uitstekend. Is het een goed idee om een klein stukje van uw portefeuille in cryptomunten te beleggen? Stijging. De cryptomunten, met de bitcoin voorop, zitten opnieuw in de lift. De stijging is des te opmerkelijker omdat het net nu de goede kant lijkt uit te gaan met de economie. Wellicht heeft dit te maken met het feit dat Paypal zijn klanten nu de mogelijkheid biedt om bitcoins te kopen. Facebook zou ook zijn virtuele munt, de diem (vroeger de libra), nieuw leven inblazen. Vergelijkbaar met goud? Believers in cryptomunten aanzien ze omwille van hun schaarste als het goud van de eenentwintigste eeuw. Dit lijkt wat kort door de bocht. Ten eerste kan om het even wie een cryptomunt uitbrengen. Goud daarentegen, kan niet nagemaakt of bijgemaakt worden en is dus effectief een schaars goed. Ten tweede is de verhandelbaarheid van cryptomunten niet evident. De verhandelplatforms maken regelmatig het voorwerp uit van hacking. Het bijhouden van cryptomunten in een virtuele portefeuille is ook allesbehalve veilig, terwijl goud slechts zelden uit een kluis gestolen wordt. Bestaansreden? De virtuele munten werden in het leven geroepen om een antwoord te bieden op de massale geldcreatie door de centrale banken. Dit kan uiteraard op termijn leiden tot een opstoot van de inflatie. De believers in cryptomunten geloven dat deze nieuwe munten dan een ineenstorting van het financieel systeem zullen weerstaan. Het is echter zeer de vraag of u er op zo’n moment baat bij heeft om een munt te bezitten die niet gedekt wordt door een centrale bank of door een overheid.
0
0
1
Jonas Verstraete
24 okt. 2021
In Actualiteit
Heeft u (samen met een andere titularis) een effectenrekening met meer dan € 1.000.000 euro aan effecten, dan betaalt u voortaan een abonnementstaks van 0,15%. Maar voor verzekeringsbeleggingen kan het zijn dat u al sneller betaalt, omdat verzekeraars de effecten niet op een aparte rekening per verzekerde aanhouden. Er wordt nog onderhandeld omdat buitenlandse verzekeraars hieraan zouden ontsnappen. De nieuwe regering voert een taks op effectenrekeningen in. Is die ook voor u van toepassing? En hoe zit het als u niet de enige titularis bent van die rekening? Moet u die taks ook betalen op uw (buitenlandse) Tak 23? Taks op effectenrekeningen (TER 2.0) De jaarlijkse taks van 0,15% wordt geheven op effectenrekeningen met een gemiddelde belastbare waarde (GBW) van meer dan € 1.000.000 over een bepaalde referentieperiode. De GBW wordt berekend door de som van de waarden van de belastbare financiële instrumenten op de referentietijdstippen te delen door het aantal van die tijdstippen. Er gelden vier referentietijdstippen: 31 december, 31 maart, 30 juni en 30 september. In geval van de opening of afsluiting van een effectenrekening gedurende de referentieperiode, worden (slechts) de referentietijdstippen waarop de rekening bestond, in aanmerking genomen voor de berekening van de belastbare grondslag. Wie en wat? Dit is geen belasting per titularis, maar per effectenrekening. Een effectenrekening waarop meer dan € 1.000.000 staat, zal automatisch aan de TER 2.0 onderworpen zijn, ongeacht het aantal titularissen. Ook de aard of identiteit van de titularis van de rekening of de aard van de juridische rechten (naakte eigendom, vruchtgebruik) is irrelevant. De taks geldt zowel voor effectenrekeningen op naam van natuurlijke personen als van rechtspersonen en feitelijke verenigingen. Alles op uw effectenrekening komt daarbij in aanmerking: dus zowel aandelen, fondsen, obligaties, cash, als andere financiële instrumenten. Uw bank moet deze taks inhouden en doorstorten aan de fiscus. Hoe TER 2.0 berekenen? Geen berekening per titularis. Bijvoorbeeld, een effectenrekening met € 1.000.050 wordt aangehouden door vijf titularissen. Ook al hebben deze titularissen elk maar recht op € 200.010, toch zal de TER 2.0 ingehouden moeten worden. Omgekeerd, indien een belastingplichtige over meerdere effectenrekeningen beschikt waarop telkens € 1.000.000 of minder aan belastbare instrumenten staat, zal hij niet aan de TER 2.0 onderworpen zijn. De 10%-regel. Voor effectenrekeningen met een GBW tussen € 1.000.000 en € 1.015.228 wordt de taks beperkt tot 10% van het verschil tussen de GBW en € 1.000.000. Zo zal voor een effectenrekening met een GBW van € 1.010.000, de taks € 1.000 (= € 10.000 x 10%) bedragen in plaats van € 1.515 (= € 1.010.000 x 0,15%). Wat met beleggingsverzekeringen Tak 23? Met het geld dat u als verzekerde in een Tak 23-levensverzekering investeert, koopt een verzekeringsmaatschappij deelbewijzen van beleggingsfondsen. Die deelbewijzen staan op een effectenrekening. Maar... de verzekeringsmaatschappij houdt niet voor elke verzekerde een aparte effectenrekening aan. Als de som van de beleggingen van de verschillende verzekerden samen boven € 1.000.000 uitkomt, moet de verzekeringsmaatschappij op het volledige bedrag de taks van 0,15% betalen. De algemene voorwaarden van sommige verzekeraars laten toe die belasting door te rekenen. Voor andere verzekeraars is het dan weer niet mogelijk om de rekening door te schuiven naar de klant. Buitenlandse verzekeraars. Deze belasting is niet van toepassing op buitenlandse verzekeraars, die de beleggingen aanhouden op effectenrekeningen in Luxemburg bijvoorbeeld. De Belgische verzekeringsmaatschappijen willen nog met de minister van Financiën een oplossing uitwerken. Hun voorstel is om, net als de banken, door te geven welke verzekerden meer dan € 1.000.000 in een Tak 23-verzekering hebben, zodanig dat de kleine belegger gespaard blijft van de 0,15%-taks.
0
0
1
Jonas Verstraete
24 okt. 2021
In Actualiteit
De nieuwe effectentaks van 0,15% is van toepassing op alle effectenrekeningen die de drempel van € 1.000.000 overschrijden, ongeacht de aard van de effecten en het aantal titularissen. In tegenstelling tot de vorige versie blijven effectenrekeningen van vennootschappen niet langer buiten schot. Luxemburgse beleggingsverzekeringen (Tak 23) bieden wel nog een oplossing om aan de taks te ontsnappen, Belgische niet. De nieuwe antimisbruikbepaling viseert zowel het opsplitsen, na 30 oktober 2020, van een effectenrekening om onder de drempel van € 1.000.000 te blijven, als het omzetten van effecten in effecten op naam. Als u vóór die datum reeds meerdere effectenrekeningen bezat, dan worden de saldi voor de berekening van de taks niet langer geglobaliseerd. Sinds 1 januari 2021 bent u jaarlijks een belasting van 0,15% verschuldigd op de totale waarde van uw effectenrekening, indien deze de drempel van € 1.000.000 overschrijdt. Ontkomen aan de nieuwe effectentaks is moeilijk, omwille van de antimisbruikbepalingen. Is uw situatie aanpassen om zo weinig mogelijk onder het toepassingsgebied van de heffing te vallen nu effectief zo goed als onmogelijk? Welke effecten? De nieuwe effectentaks zal geheven worden op de totale waarde van de effectenrekeningen met een saldo hoger dan € 1.000.000. Voor de berekening van de overschrijding van de drempel van € 1.000.000, wordt rekening gehouden met alle activa op de effectenrekening. De nieuwe effectentaks gaat verder dan de vorige versie en treft ook afgeleide instrumenten, zoals speeders, turbo’s, trackers, ... Omdat de verzekeringsmaatschappijen binnen een Tak 23 de fondsen meestal bundelen op een of meerdere grote effectenrekeningen, zullen de kleine beleggers die opteerden voor een beleggingsverzekering met onderliggende effecten indirect ook onderworpen zijn aan de effectentaks, zelfs al komt hun aandeel niet in de buurt van € 1.000.000. Berekening. De berekening zal nog steeds gebeuren via de saldi op de vier referentietijdstippen (31.12, 31.03, 30.06 en 30.09), maar bijkomende tijdstippen bij opening of afsluiting van de effectenrekening worden niet meer meegeteld. De referentieperiode zal wel ingekort worden als de titularis de effectenrekening vroegtijdig afsluit. Het maakt voorts geen verschil hoeveel titularissen de effectenrekening heeft (een koppel, vijf broers/zussen in onverdeeldheid, ...). Ook met een gesplitste eigendomsverhouding vruchtgebruik-blote eigendom wordt geen rekening gehouden. De effectentaks is in principe ook verschuldigd (via de aangifte personenbelasting) op effectenrekeningen die u bij buitenlandse financiële instellingen aanhoudt. Buitenlandse (Luxemburgse) Tak 23-verzekeringen blijven wel buiten schot. Vennootschappen. Niet enkel natuurlijke personen zullen de effectentaks verschuldigd zijn, ook vennootschappen en andere rechtspersonen kunnen onderworpen zijn, als zij de drempel van € 1.000.000 overschrijden. Hiermee heeft de wetgever meteen een van de meest heikele punten van de vorige effectentaks vermeden. Enerzijds worden grote beleggers, die vaak beleggen via (complexe) vennootschapsstructuren, niet gespaard. Anderzijds is er geen ontsnappingsroute (meer) via het in de vennootschap onderbrengen van de beleggingen. Antimisbruikbepaling. De wet tot invoering van de effectentaks wil vermijden dat u handelingen stelt waardoor u bewust de effectentaks zou ontwijken, door een beroep te doen op de zogenaamde ontsnappingsroutes. Hiertoe voorziet de wet een specifieke antimisbruikbepaling die toepassing vindt op de handelingen gesteld sinds 30 oktober 2020. De antimisbruikbepaling bevat twee vermoedens van fiscaal misbruik: een onweerlegbaar vermoeden voor enkele evidente situaties en een weerlegbaar vermoeden voor de iets meer genuanceerde gevallen. Onweerlegbaar vermoeden. Het onweerlegbaar vermoeden van fiscaal misbruik dient om de duidelijkste ontwijkingen van de effectentaks toch te belasten. Indien u na 30 oktober 2020 nog een effectenrekening opsplitst in meerdere effectenrekeningen bij dezelfde instelling of indien u belastbare financiële instrumenten op een effectenrekening omzet naar financiële instrumenten op naam, die op zich niet onderworpen zijn aan effectentaks, dan kan de Belastingdienst eenvoudigweg deze verrichtingen negeren en toch effectentaks heffen alsof de handelingen nooit gesteld werden. U als belegger kunt geen tegenbewijs leveren dat u andere dan fiscale motieven had voor deze verrichtingen: u zal effectentaks verschuldigd zijn alsof u de handelingen niet gesteld heeft. Weerlegbaar vermoeden. Daarnaast is er nog een meer uitgebreid vermoeden van fiscaal misbruik, dat wel weerlegbaar is. Dit vermoeden speelt onder meer als u, om de taks te vermijden, een bestaande effectenrekening opsplitst bij verschillende instellingen of een bijkomende effectenrekening opent bij een andere bank om zo onder de drempel van € 1.000.000 te blijven, als u een aan de taks onderworpen effectenrekening onderbrengt in een buitenlandse rechtspersoon die de effecten overplaatst naar een buitenlandse effectenrekening, met het oogmerk de taks te vermijden, als u een aan de taks onderworpen effectenrekening onderbrengt in een fonds waarvan de deelbewijzen op naam geplaatst worden, enz. Tegenbewijs. In die laatste gevallen kunt u het vermoeden van fiscaal misbruik wel weerleggen. Welke argumenten aanvaard zullen worden, is nog onduidelijk. Er zijn talrijke niet-fiscale motieven denkbaar: risicospreiding, omdat een bepaalde instelling een bepaald type beleggingen aanbiedt (bv. ‘ethisch’ beleggen), ... Uitzonderingen. In ieder geval zal het vermoeden niet spelen indien de handelingen het gevolg zijn van een scheiding/relatiebreuk of een overlijden met beëindiging van een gedwongen onverdeeldheid tot gevolg. Stel dat u met uw broers en zussen een effectenrekening geërfd heeft, dan kunt u de effectenrekening desgevallend toch splitsen, zonder dat de Belastingdienst het vermoeden van fiscaal misbruik zal inroepen.
0
0
0
Jonas Verstraete
24 okt. 2021
In Actualiteit
Vraag het extra betalingsuitstel vanwege corona ten laatste aan op 31.03.2021 of uiterlijk tien kalenderdagen vóór de vervaldag van het krediet. Als ‘financieel gezonde’ onderneming is uw totale betaalpauze niet gelimiteerd tot negen maanden. Ondernemers die financiële moeilijkheden ondervinden door de coronacrisis, kunnen een extra betalingsuitstel voor hun kredieten aanvragen. Komt u of uw vennootschap hiervoor ook in aanmerking? Eerste charter De coronacrisis heeft ontegensprekelijk financiële gevolgen voor ondernemers. Daarom werkte bankenkoepel Febelfin al tijdens de eerste golf een betalingsuitstel voor professionele kredieten uit ( https://bit.ly/3buJiDL ). Deze eerste gunstmaatregel liep evenwel af op 31.12.2020. Tweede charter Van 31.03.2021... Een zgn. tweede charter ( https://bit.ly/2Mhzfcx ) gaf zelfstandigen en bedrijven echter de mogelijkheid om een extra opschorting te verkrijgen tot 31.03.2021. Dat maakte Febelfin al in december vorig jaar bekend. ... naar 30.06.2021. Omdat de coronacrisis langer duurt dan verwacht, werd deze einddatum vorige maand nog eens verlengd, tot 30.06.2021. Welke kredieten? De betaalpauze kan enkel aangevraagd worden voor deze professionele kredieten die toegekend werden vóór 01.04.2020: kredieten met een vast aflossingsplan; kaskredieten; en vaste voorschotten. Let op! U kunt het betalingsuitstel bovendien enkel verkrijgen voor de nog toekomstige vervaldagen tot 30.06.2021. Aanvraag. De aanvraag moet ten laatste op 31.03.2021 of uiterlijk tien kalenderdagen vóór de vervaldag van het krediet gebeuren. Komen volgens Febelfin in aanmerking: niet-financiële ondernemingen, kmo’s, zelfstandigen en non-profitorganisaties. Derde charter Negen maanden... Wie in het kader van het eerste charter al een betaalpauze kreeg, kan in totaal (dus incl. het tweede charter) nooit méér dan negen maanden betalingsuitstel voor een krediet krijgen. ... of toch niet? Voor wie deze limiet van negen maanden bereikte maar voldoende ‘financieel gezond’ is, lanceerde Febelfin een derde charter ( https://bit.ly/3keBJF8 ). Voor hen is het mogelijk om toch nog een extra betalingsuitstel te verkrijgen tot 30.06.21. Wat is ‘financieel gezond’? Een onderneming wordt als niet financieel gezond aanzien, indien ze op 31.12.2019 een negatief eigen vermogen had én voldoet aan een van deze criteria: Op 01.09.2020 was er een achterstal (buiten het kader van de coronasteunmaatregelen) op de lopende kredieten, bij de belastingen of bij de sociale zekerheid. Op 30.09.2020 was er meer dan 30 dagen achterstal (buiten het kader van de coronasteunmaatregelen) op de lopende kredieten, bij de belastingen of bij de sociale zekerheid. De onderneming heeft niet aan al haar contractuele kredietverplichtingen voldaan en dit gedurende de laatste 12 maanden voorafgaand aan 31.08.2020. Het bedrijf doorliep een actieve kredietherstructurering vóór 31.08.2020. Er werd in 2019 een verlies geboekt. Het nettoactief is vandaag negatief en de onderneming beschikt niet over de middelen om op korte termijn het kapitaal te versterken.
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
De systeemvereisten voor Windows 11 zijn streng: de kans is reëel dat een oudere pc niet voldoet (maar Windows 10 wordt wel nog vier jaar geüpdatet). Wilt u in de heel nabije toekomst een nieuwe pc kopen, let er dan zeker op dat deze voldoet voor Windows 11. We raden u wel nog aan om enkele maanden te wachten met de update door te voeren, hierdoor worden fouten eerst uit Windows 11 gehaald. Binnenkort komt Windows 11 uit als gratis opvolger van Windows 10. Wat is er nieuw en aan welke vereisten moet uw computer voldoen? De update naar Windows 11 wordt gratis voor Windows 10-gebruikers. U moet wel online zijn en over een Microsoft-account beschikken bij het installeren of upgraden van uw pc of tablet. De belangrijkste nieuwigheden Opgefriste interface. De Start-knop en de programma-icoontjes bevinden zich nu in het midden van de Windows-taakbalk. Zo kunt u sneller naar uw meest gebruikte apps, uw recent bewerkte documenten en uw persoonlijke instellingen. U kunt ook widgets opstarten (zoals op uw smartphone) die continu op uw bureaublad weersvoorspellingen, nieuwsberichten of een agenda-overzicht tonen. Het geheel oogt lichter en frisser. Sneller werken met vensters. Met Snap Layouts kunt u de vensters van meerdere programma’s waarmee u tegelijkertijd werkt in allerlei configuraties (per twee of drie, horizontaal of verticaal) plaatsen. U kunt ook een bepaalde lay-out van vensters bewaren als een Snap Group en met één druk op de knop weer oproepen. De ondersteuning van meerdere monitoren is ook verbeterd. Als u uw pc opnieuw verbindt met een externe monitor waar u al eens op heeft gewerkt, zal Windows 11 automatisch terugkeren naar de venster-lay-out die u toen gebruikte. De Microsoft Store is volledig vernieuwd voor een snellere werking en een beter overzicht van apps. De bedoeling is dat alle Windows-toepassingen van hieruit gekocht en geïnstalleerd kunnen worden, zodat u geen aparte installatieprogramma’s meer nodig heeft. Later in 2022 zult u hier ook Android-apps uit de Amazon Appstore vinden die u dan kunt gebruiken in Windows 11. Directer samenwerken. Om het thuiswerken beter te ondersteunen, zult u in Windows 11 direct vanuit de taakbalk Microsoft Teams kunnen starten, kiezen tussen een chat of een videogesprek, antwoorden op Teams-meldingen en uw microfoon aanzetten of dempen. Andere verbeteringen. Microsoft belooft dat Windows 11-updates tot 40% kleiner worden en nog slechts eenmaal per jaar plaatsvinden en vooral dat Windows 11 een veel beter beveiligd besturingssysteem wordt. Zal het werken op uw oudere pc? Vanaf 5 oktober 2021 zal de geleidelijke uitrol van Windows 11 beginnen. De systeemvereisten zijn echter zo streng dat uw pc deze update mogelijk niet zal kunnen installeren. U vindt de minimumvereisten op https://www.microsoft.com/nl-be/windows/windows-11-specifications Er zal binnenkort ook een PC Health Check-app beschikbaar komen op https://www.microsoft.com/nl-be/windows/windows-11 om te zien of uw huidige pc voldoet aan de vereisten voor Windows 11. Het grote struikelblok is of uw computer een TPM (Trusted Platform Module) heeft, een ingebouwde beveiligingschip. Als uw computer deze chip niet heeft of u niet de juiste versie kunt activeren, dan vindt Microsoft uw computer niet veilig genoeg meer. Als blijkt dat u geen Windows 11 kunt gebruiken, dan kunt u wel nog vier jaar rekenen op updates voor uw Windows 10. Tip. Bent u van plan om nu al een nieuwe pc te kopen, kijk dan of er op de productpagina (zie bijv. https://www.asus.com/microsite/2021/windows11 ) al iets staat over toekomstige Windows 11-ondersteuning. Anders loopt u het risico op een miskoop.
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
Leer uw medewerkers hoe ze cyberbedreigingen kunnen herkennen. Houd ook al uw besturingssystemen, applicaties en virusscanners up-to-date en maak regelmatig back-ups. Overweeg eventueel een cyberverzekering (vanaf € 500 à € 600 per jaar): die dekt niet alleen schade door ransomware, maar ook o.a. administratieve GDPR-boetes. Vergelijk de waarborgen van de verschillende verzekeraars vooraleer u een polis afsluit. Bent u toch slachtoffer geworden, ga dan niet meteen over tot betaling, maar rapporteer de cyberaanval eerst aan de lokale politie en aan CERT.be. Koppel de besmette computers onmiddellijk af van uw bedrijfsnetwerk en contacteer een specialist. In de media duiken almaar vaker berichten op over bedrijven die het slachtoffer geworden zijn van zgn. ransomware. Loopt uw eigen onderneming ook risico’s? Hoe kunt u zich daar dan tegen beschermen? Wat als u toch slachtoffer geworden bent van deze chantagepraktijk? Is het nuttig om een cyberverzekering af te sluiten? Wat is ransomware precies? Losgeld betalen Ransomware is een moderne variant van de aloude chantagepraktijk waarbij cybercriminelen de toegang tot bepaalde bestanden, uw hele computer of zelfs uw volledig bedrijfsnetwerk blokkeren. U krijgt dan een bericht te zien waarin u verzocht wordt om binnen een bepaalde termijn (vaak 24 tot 72 uur) losgeld te betalen. Dat moet in de vorm van virtuele valuta, zoals bitcoins. Pas wanneer u betaald heeft, ontvangt u een digitale sleutel waarmee u alles weer kunt ontgrendelen. Welk bedrag? Het gevraagde bedrag wordt meestal bepaald in functie van uw financiële mogelijkheden of uw potentiële schade. In de praktijk varieert het geëiste losgeld doorgaans van enkele honderden tot tienduizenden euro’s. Let op! U moet echter ook rekening houden met allerlei indirecte kosten. Die kunnen het gevolg zijn van bv. tijdelijke inactiviteit, imagoschade en diefstal van intellectuele eigendommen. Kmo is kwetsbaar Onlangs kwamen weefgetouwfabrikant Picanol en de gemeente Willebroek nog in het nieuws als slachtoffers van ransomware. Heel wat bedrijven houden zo’n aanval echter liever uit de media, omdat die hun reputatie kan aantasten. Let op! Kmo’s zijn extra kwetsbaar, omdat ze vaak te weinig geld (kunnen) besteden aan beveiliging, maar toch over voldoende middelen beschikken om het gevraagde losgeld te kunnen betalen. Hoe wapent u zich hiertegen? Medewerkers opleiden Een besmetting met ransomware is vaak het gevolg van een menselijke fout. Doorklikken op een link in een vervalste e-mail is vaak al voldoende. Leer uw medewerkers dus hoe ze bedreigingen kunnen herkennen: Wees voorzichtig met mails van onbekende afzenders, zeker als u die onverwacht ontvangt, ze een vage aanspreektitel hebben, ze een dringende actie vragen of u twijfelt aan de inhoud van de toegevoegde bijlage. Let steeds op het taalgebruik. Vaak bevatten gevaarlijke e-mails taalfouten of zijn ze in een andere dan de te verwachten taal opgesteld. Controleer ook de correctheid van het mailadres van de afzender. Dikwijls worden valse e-mailaccounts gebruikt die erg goed op de echte lijken. Houd alles up-to-date Zorg er ook voor dat alle software op de computers in uw onderneming steeds up-to-date is. Wanneer nieuwe versies van besturingssystemen of applicaties vrijgegeven worden, installeer die dan onmiddellijk. Nieuwe updates kunnen immers allerlei kwetsbaarheden in informaticasystemen wegwerken. Laat de geïnstalleerde software ook automatisch updates uitvoeren. Let op! Een goede firewall en een goed antiviruspakket als extra bescherming zijn sowieso onontbeerlijk, maar waak erover dat ook deze software steeds up-to-date is. Alleen zo bent u immers gewapend tegen de nieuwste bedreigingen. Maak regelmatig back-ups Maak eveneens regelmatig back-ups van uw belangrijke bestanden en data. U kunt dit gemakkelijk laten automatiseren. Tip. Maak zowel back-ups in de cloud als op een fysieke harde schijf. Koppel die schijf daarna telkens weer los van uw bedrijfsnetwerk of computer. Zo vermijdt u dat ze ook besmet zou worden met ransomware. Toch slachtoffer geworden? Eerst rapporteren Zijn uw computers – ondanks alle getroffen preventiemaatregelen – toch besmet geraakt met ransomware? Ga dan nooit meteen over tot betaling, maar rapporteer de besmetting eerst aan de lokale politie en aan CERT.be ( https://www.cert.be – dat is het federale Computer Emergency Response Team van ons land). Wat kunt u doen? Koppel ook onmiddellijk de geïnfecteerde computers los van uw bedrijfsnetwerk, om zo verdere interne verspreiding te vermijden. Lukt het u niet om een back-up terug te plaatsen, dan kunt u trachten om een zgn. decryptor te gebruiken. Op het securityportaal No More Ransom ( https://www.nomoreransom.org ) vindt u tools van diverse beveiligingsspecialisten terug. Let op! Belangrijk is wel dat u eerst de gebruiksaanwijzingen leest vooraleer u hiermee aan de slag gaat. Nog beter is om deze klus over te laten aan een specialist. Is een cyberverzekering nuttig? Aanbod in de lift Steeds meer verzekeraars bieden een cyberverzekering aan. Vroeger waren dat vooral Amerikaanse spelers, maar vandaag kunt u ook bij o.a. AXA, Allianz, Baloise, ING en Vanbreda zo’n polis afsluiten. De premie die u daarvoor betaalt, wordt meestal bepaald in functie van uw omzet, het te verzekeren bedrag en het aantal werknemers. Ook uw schadeverleden en de sector en regio waarin u opereert, spelen mee. Let op! Bent u bv. actief in het Oostblok of in China, dan bent u extra kwetsbaar. Hoeveel betaalt u hiervoor? Voor een gemiddelde kmo met een vijftal werknemers start de basispolis vanaf zo’n € 500 à € 600 per jaar. U bent dan bv. jaarlijks verzekerd tot een bedrag van € 250.000. Let op! Wilt u een hogere dekking, dan kan de jaarpremie oplopen tot enkele duizenden euro’s. Preventie is verplicht De verzekeraar eist uiteraard ook dat u als bedrijf zelf voldoende preventiemaatregelen neemt. Hij verwacht eveneens een verantwoord gedrag van al uw medewerkers. Neem bovenstaande tips dus zeker ter harte. Let op! Mogelijk stuurt de verzekeraar zelf verdachte ‘lokmails’ uit om het personeel te testen. Soms worden ook trainingen en opleidingen voorzien die uw werknemers leren omgaan met cybergevaren. Welke schade wordt vergoed? Wanneer de productie of dienstverlening van uw bedrijf tijdelijk stilvalt door ransomware, vergoedt de polis de hierdoor geleden schade, net zoals de kosten om de systemen weer te herstellen en om de data opnieuw op te bouwen. Soms komen er zelfs externe specialisten u daarbij helpen. Wanneer u in samenspraak met de verzekeraar toch losgeld zou betalen, dan valt dit mogelijk ook binnen de dekking van het contract. Méér dan ransomware Een cyberverzekering is meestal vrij ruim. Ook schade die veroorzaakt wordt door andere virussen, datalekken en overige vormen van cybercriminaliteit is daardoor vaak gedekt. Tip. Weet dat uw bedrijf hiermee ook beschermd is tegen administratieve GDPR-boetes als gevolg van een inbreuk op de strenge privacywetgeving. Die dekking alleen al maakt zo’n polis zeker het overwegen waard. De waarborgen van verschillende maatschappijen vergelijken, is sowieso de boodschap.
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
Videovergaderen met collega’s doet u gemakkelijk via Zoom, WhatsApp of Skype. Wilt u samenwerken aan eenzelfde document, overweeg dan het gratis Google Docs of Dropbox Paper. Tools als Draw.Chat, Stormboard en IDroo helpen u om (visueel) te brainstormen over ideeën op een virtueel whiteboard. Uw hele computerscherm delen met uw collega’s kunt u met Screenleap of Skype. Een computer overnemen kunt u met TeamViewer of Remote Desktop. De meeste van deze tools zijn gratis. Houdt het coronavirus u en uw collega’s van uw vertrouwde werkplek? Weet dan dat de quarantaine de productiviteit niet noodzakelijk in de weg hoeft te staan. Communiceren, samenwerken en brainstormen zal u de komende weken op een andere manier moeten doen dan voordien. Gelukkig bestaan er een aantal hulpmiddelen die u alvast toelaten om vlot samen te werken vanop afstand. Welke gebruikt u het best? Welk prijskaartje hangt daaraan vast? Communiceren via een platform Welk platform kiezen? De voorbije jaren hebben veel bedrijven al de weg gevonden naar professionele platformen zoals Slack ( https://www.slack.com ), Webex ( https://www.webex.com ), Microsoft Teams ( https://teams.microsoft.com ) en Asana ( https://www.asana.com ). Die bieden allerlei mogelijkheden om met collega’s te communiceren, bestanden te delen, afzonderlijke teams en projectgroepen in te stellen, enz. Tip. Bent u zelf nog op zoek naar een geschikte tool? De website Remote Starter Kit ( https://www.remotestarterkit.com ) zet u op weg met een selectie van geteste webdiensten. Ze zijn ingedeeld volgens doel: communicatie, samenwerking, office, ... Wist u trouwens dat Facebook ook een zakelijke variant heeft: Workplace ( https://www.workplace.com )? Die is gratis te gebruiken tot max. 50 verschillende teams. Tip. Een belangrijke troef ten opzichte van de concurrerende tools is het feit dat u en uw collega’s wellicht al vertrouwd zijn met de privévariant van Facebook. Dat verlaagt de instapdrempel gevoelig. Videovergaderen met collega’s Slack, Webex en Microsoft Teams laten u ook vlot videovergaderen met behulp van uw (laptop)microfoon en een webcam. Bent u op zoek naar een aparte tool hiervoor, overweeg dan het gebruiksvriendelijke Zoom ( https://www.zoom.us ). Met de gratis formule komt u naar onze mening al een heel eind. Let op! Zoom lag recentelijk onder vuur vanwege vermoedelijke veiligheidslekken. Gebruik zo’n tool dus nooit voor vertrouwelijke meetings. Tip. Vergeet niet dat ook populaire apps zoals Skype ( https://www.skype.com ), WhatsApp ( https://www.whatsapp.com ) en Facebook ( https://www.messenger.com ) vaak volstaan voor een videochat. Samenwerken en brainstormen Samenwerken aan een document In de cloud samenwerken aan eenzelfde document kan bv. via de ‘delen’-functie in Microsoft Office 365 ( https://www.office.com ). Met Google Docs ( https://docs.google.com ) haalt u zelfs een volledig gratis alternatief in huis met vergelijkbare ‘sharing’-mogelijkheden. Handig is dat u meteen ziet wat andere personen in een gedeeld document aanpassen. Tip. Gebruikt u Dropbox voor cloudopslag? Weet dan dat u met Dropbox Paper ( https://paper.dropbox.com ) eveneens gratis documenten maakt die u kunt delen met anderen. Daarin kunt u zelfs allerlei inhoud van andere cloudplatformen integreren. Brainstormen over ideeën Zoom biedt u een virtueel whiteboard om ideeën uit te wisselen met collega’s. Een aparte tool daarvoor is Draw.Chat ( https://www.draw.chat ). Op dat bord kunt u vlotjes schetsen en bestanden toevoegen. Deze plek krijgt een webadres dat u deelt met uw collega’s. Die zien alles in realtime en kunnen zelf bijdragen leveren. Chatten, notificaties sturen en spraak- of videoconversaties voeren is eveneens mogelijk. Bij FlockDraw ( http://www.flockdraw.com ) is registratie evenmin vereist. Aan de hand van een pen, een gom en enkele andere functies visualiseert u hier uw ideeën. Zodra u het webadres van de virtuele ruimte gedeeld heeft, kunnen anderen uw uiteenzetting live volgen, maar ook toevoegingen aan uw ontwerp doen. Ook hier is een handige chatmodule voorzien. Let op! U moet wel de Flash Player in uw browser activeren en die technologie is wat achterhaald. Stormboard ( https://www.stormboard.com ) werkt met notitieblaadjes waarop u teksten, grafische bestanden, documenten en YouTube-video’s plakt. Ook schetsen maken en uw gedachten groeperen in indexkaarten is mogelijk. Andere collega’s nodigt u uit via de ‘share’-knop. Zij kunnen uw ideeën dan becommentariëren, hun stem uitbrengen en nieuwe ideeën toevoegen. U kunt zelfs opdrachten toekennen aan collega’s. Alle betrokkenen krijgen elke wijziging in realtime te zien. Live chatten is eveneens mogelijk. Ook IDroo ( https://www.idroo.com ) biedt u na registratie een gratis whiteboard met de vertrouwde tools zoals een pen, een gom en grafische vormpjes. U vindt er zelfs symbolen om documenten, afbeeldingen en grafieken te integreren. IDroo heeft ook een interne chatfunctie. Extra handig is dat u bij het delen van uw whiteboard de rechten van uw collega’s kunt instellen: ‘alleen kijken’ of ‘ook aanpassen’. Let op! Weet wel dat dit niet kan per persoon: dezelfde rechten gelden dus voor iedereen. Ook met MURAL ( https://www.mural.co ) voegt u aan een virtueel bord tekstvakken en notitiebriefjes, commentaren, vormen en verbindingen, symbolen, afbeeldingen en documenten, websites, enz. toe. Er is ook een interne chatfunctie voorzien en er kan anoniem gestemd worden op de aangereikte ideeën. Zo kunt u met 50 mensen tegelijk samenwerken en brainstormen. U betaalt hiervoor na gratis uitproberen slechts $ 12/maand. Tip. De rechten van de deelnemers (‘can see’ of ‘can edit’) kunt u hier per persoon instellen. Rondleiden op een website Wilt u een collega iets tonen of hem rondleiden op een website? In dat geval kunt u Surfly ( https://www.surfly.com ) inschakelen. Nadat u zich hier geregistreerd heeft, plakt u in de daartoe voorziene ruimte het adres van de bewuste site. U krijgt dan een link die u deelt met de andere collega. Die ziet in realtime alles wat u op de website doet: hoe u uw muiscursor beweegt, waarop u klikt, ... U kunt ook (video)chatten, aantekeningen op de site maken en de controle overdragen. Na de gratis proefperiode betaalt u € 16 euro/maand. Meekijken of computer overnemen Meekijken op een scherm Andere tools gaan nog een stapje verder en laten toe om uw hele computerscherm te delen. Dat kan in Zoom, maar ook met Screenleap ( https://www.screenleap.com ). Alles gebeurt hier via de internetbrowser, maar er moet wel eerst nog een stukje software geïnstalleerd worden. De gratis versie kunt u gedurende 40 minuten per dag gebruiken. Screenleap kan overigens in Slack geïntegreerd worden. Tip. Weet ook dat Skype een handige ‘screen sharing’-functie in huis heeft. Een computer overnemen TeamViewer. Wanneer een collega computerproblemen heeft, leidt telefonische ondersteuning vaak tot frustraties. Handiger is dat u via uw pc tijdelijk toegang krijgt tot de zijne, zodat u het euvel zelf kunt bekijken en – hopelijk – oplossen. Dat kan met Zoom of via TeamViewer ( https://www.teamviewer.com ). De benodigde software moet weliswaar op beide computers geïnstalleerd worden. Toegang tot het andere apparaat krijgt u via een wachtwoord of een code. Chrome Remote Desktop. Gebruiken u en uw collega’s Google Chrome als internetbrowser, dan kunt u ook Chrome Remote Desktop ( https://remotedesktop.google.com ) overwegen. Deze oplossing bestaat uit enerzijds een programma dat u moet installeren op beide computers en anderzijds een browserextensie. Heeft uw collega externe hulp nodig, dan klikt hij op het nieuwe icoontje naast het adresveld. Hiermee kan hij een cijfercode genereren die gedurende vijf minuten geldig blijft. Die gebruikt u dan om op zijn computer in te loggen. Tip. Bij deze tools is externe ondersteuning in beide richtingen mogelijk.
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
Uw papieren aangifte personenbelasting voor inkomstenjaar 2020 moet u ten laatste op 30.06.2021 indienen, via Tax-on-web uiterlijk 15.07.2021. Lukt dat niet, dan kan het nog via uw boekhouder tot en met 21.10.2021. Zodra Tax-on-web via MyMinfin begin mei weer geopend wordt, kunt u uw belastingaangifte voor inkomstenjaar 2020 indienen. Wanneer is de deadline? Tegen wanneer indienen? Zo u uw aangifte nog op papier zou indienen, wat eerder de uitzondering op de regel is, moet u die uiterlijk 30.06.2021 indienen. Dient u die zelf in via Tax-on-web, dan zou u in principe tijd hebben tot en met 15.07.2021. Doet u dit via uw boekhouder, dan zou u nog wat meer tijd hebben, nl. tot en met 21.10.2021. Let op! Deze twee laatste data zijn onder voorbehoud en moeten nog officieel bevestigd worden door de Administratie. Tip. De voorbereidende documenten voor aanslagjaar 2021 (inkomstenjaar 2020) kunt u hier raadplegen: https://financien.belgium.be/nl/Actueel/aangifte-pb-aanslagjaar-2021-voorbereidende-documenten . Nieuwe volmacht aan uw boekhouder? In principe is dat niet nodig, indien u uw boekhouder in de voorgaande jaren een volmacht gegeven heeft om uw aangifte via Tax-on-web in te dienen, tenzij u hem een volmacht met beperkte duur gegeven heeft. Heeft hij nog geen volmacht, dan moet u hem uiterlijk 31.08.2021 een mandaat geven. Let op 1! Uw boekhouder heeft wel een aparte volmacht nodig om via MyMinfin Pro uw fiscaal dossier te kunnen raadplegen. Hij kan daar dan o.m. uw vorige aangiftes en aanslagen inkijken. Let op 2! Desgevallend moet ook uw echtgeno(o)t(e) of wettelijk samenwonende partner een volmacht geven aan uw boekhouder. Voorstel van vereenvoudigde aangifte (VVA). Mogelijk ontvangt u een VVA. Bedoeling daarvan is dat u enkel moet nakijken of het voorstel klopt. Klopt het, dan moet u niets doen. Klopt het niet, dan moet u alsnog een aangifte indienen of op het voorstel reageren. Voor een papieren aangifte moet dat dus uiterlijk 30.06.2021. Lukt dat niet, dan kan dat nog tot uiterlijk 15.07.2021 via Tax-on-web. Daarna is het te laat. Hoewel uw boekhouder (of andere mandataris) in principe tijd heeft tot 21.10.2021 om de aangifte personenbelasting in te dienen, is die verlengde aangiftetermijn niet van toepassing indien u een VVA kreeg. Rv recupereren op vrijgestelde dividenden. U en uw partner kunnen de roerende voorheffing (rv) van de in 2020 ontvangen dividenden verrekenen via uw aangifte in de personenbelasting ten bedrage van € 800 per persoon. U moet dan de ingehouden rv (meestal 30%) vermelden in vak VII, code 1437-18/2437-85 om de vrijstelling te genieten.
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
In uw aangifte zijn bepaalde inkomsten (zoals uw loon) en uitgaven (bv. dienstencheques) reeds vooraf ingevuld. Maar de fiscus is niet van alles op de hoogte, zoals het feit dat uw kind vorig jaar op zomerkamp was. Vergeet ook niet dat u dividenden (deels) kunt vrijstellen. Bezorg uw boekhouder ook de nodige info indien u in 2020 studiejaren afkocht of privé een premie rechtsbijstandverzekering betaalde. Het nieuwe formulier voor uw privébelastingaangifte is bekendgemaakt en het wordt er niet eenvoudiger op door extra codes. Wat moet u dan zeker aan uw boekhouder geven, opdat hij uw privéaangifte van 2021 correct kan invullen? Meer info bezorgen aan uw boekhouder? De meeste fiscale attesten zoals van uw giften vindt hij wel terug op Tax-on-web. Dat neemt echter niet weg dat u zelf nog info aan uw boekhouder moet bezorgen opdat deze uw privéaangifte volledig kan invullen. De klassiekers Uw bankrekeningnummer gewijzigd? In uw privéaangifte van dit jaar wordt automatisch uw oud rekeningnummer overgenomen. Heeft u dan een nieuw bankrekeningnummer, dan zal de fiscus een eventueel tegoed ook niet kunnen storten. Bezorg uw nieuwe bankrekeningnummer daarom aan uw boekhouder zodat die het kan wijzigen in uw privéaangifte. Kwestie van achteraf niet langer op uw geld te moeten wachten. Onroerend goed in het buitenland? Heeft u zoals velen in 2020 een huis gekocht in het buitenland, dan moet u uw boekhouder hiervan op de hoogte brengen, ook al zou u dit zelfs niet verhuren. U moet immers uw wereldwijde inkomen aangeven. Het zgn. onroerende inkomen van uw woning moet dan in uw privéaangifte opgenomen worden. Niet dat u daar dan op belast wordt in België, maar het zal wel het tarief waaraan u onderworpen wordt, verhogen. Uw kinderen nog ten laste? Zoals u weet mogen uw kinderen wel wat bijverdienen, maar zitten hun netto-inkomsten boven een bepaalde grens, dan heeft u uw kind niet meer ten laste. U mag uw kind dan ook niet meer als ten laste opnemen in uw privéaangifte. Wilt u echter zeker zijn, dan laat u uw boekhouder het best weten hoeveel uw kind in 2020 verdiend heeft. U betaalt een onderhoudsuitkering? Dat kan uw boekhouder niet weten! U maakt daar dan het best een oplijsting van en u bezorgt die dan ook aan uw boekhouder tezamen met uw betalingsbewijzen. Dat u die onderhoudsuitkeringen verplicht betaalt of dat vrijwillig doet, speelt in principe op zich geen enkele rol voor uw fiscale aftrek. Vergeet uw kinderopvangkosten niet! Voor iedere oppasdag kunt u € 13 inbrengen. Dat geldt niet alleen voor de crèche, maar ook kosten van een zomerkamp en buitenschoolse opvangactiviteiten komen in aanmerking voor de belastingvermindering van 45%. Een belangrijke voorwaarde is dat de opvanginitiatieven plaatsvinden buiten de normale lesuren. Uw kind mag evenwel niet ouder zijn dan 14 jaar of 21 jaar als het een zware handicap heeft op het moment waarop u die opvangkosten gemaakt heeft. De opvangvoorziening moet door de overheid erkend zijn en u in ruil voor de betaling een fiscaal attest afleveren. En ook niet te vergeten... Rechtsbijstandverzekering. Heeft u privé een rechtsbijstandverzekering afgesloten, dan kunt u in principe een belastingvermindering genieten van 40% van de in 2020 betaalde premie (met een maximum van € 310). De verzekeraar zal u een fiscaal attest bezorgen. Dividenden vrijstellen. Vergeet ook niet door te geven of u in 2020 dividenden ontvangen heeft. U kunt de roerende voorheffing die uw bank ingehouden heeft gedeeltelijk recupereren via uw aangifte, aangezien de eerste schijf van € 800 (per persoon) vrijgesteld is van belasting. Studiejaren afgekocht? Heeft u in 2020 studiejaren afgekocht om zo later een hoger wettelijk pensioen te krijgen, dan heeft u recht op een belastingvermindering. Bezorg dus de betalingsbewijzen aan uw boekhouder.
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
Voor elk loopbaanjaar opgebouwd na 31.12.2020 zal de berekeningsbasis voor het wettelijk pensioen van een zelfstandige 100% van het beroepsinkomen bedragen. De correctiecoëfficiënt van 69% zal dus het laatst gebruikt worden voor loopbaanjaar 2020. Ook het maximumbedrag aan beroepsinkomen dat in aanmerking komt voor de berekening van het zelfstandigenpensioen wordt tegen 2024 met 9,86% verhoogd. Als zelfstandige bouwt u een wettelijk pensioen op via de sociale bijdragen die u ieder kwartaal betaalt via uw sociaal verzekeringsfonds. Uw wettelijk pensioen wordt sinds 1984 berekend op slechts 69% van uw inkomen. Bij werknemers is dat 100%. Een wetsontwerp zou die discriminatie vanaf 2021 wegwerken. Hoe zit dat? Correctiecoëfficiënt van 69% Welke factoren bepalen uw wettelijk pensioen? Het wettelijk pensioen wordt berekend op basis van uw beroepsloopbaan, beroepsinkomen, de betaalde sociale bijdragen en uw gezinssituatie. Beroepsinkomen. Voor de loopbaanjaren voor 1984 krijgt de zelfstandige een forfaitair pensioen. Dat bedrag is voor iedereen gelijk. Voor elk gewerkt jaar vanaf 1984 wordt het pensioenbedrag berekend op basis van het werkelijk beroepsinkomen (het bedrag waarop de sociale bijdragen betaald werden). Het totale pensioen wordt bekomen door het bedrag van alle loopbaanjaren op te tellen. Correctiecoëfficiënt. Op uw beroepsinkomsten moest sinds 1984 ook nog een correctiecoëfficiënt toegepast worden. Sinds 2019 bedraagt deze correctiecoëfficiënt 0,691542. Deze correctiecoëfficiënt werd ingevoerd om rekening te houden met de lagere socialezekerheidsbijdragen voor zelfstandigen in vergelijking met werknemers. Het gevolg hiervan is dat er minder pensioen opgebouwd werd vermits uw inkomen maar ten belope van 69% meetelde. Afschaffing correctiecoëfficiënt De correctiecoëfficiënt wordt nu afgeschaft. Omdat de sociale bijdragen intussen ongeveer gelijk getrokken zijn, besliste de regering om komaf te maken met de berekeningswijze. Vanaf loopbaanjaar 2021 wordt 100% van het beroepsinkomen van zelfstandigen in rekening gebracht voor de berekening van het rustpensioen, het overlevingspensioen en de overgangsuitkeringen die ingaan vanaf 1 januari 2022. Wat betekent dit voor u? Voor een zelfstandige met een inkomen van € 30.000 zou een afschaffing van de correctiecoëfficiënt jaarlijks € 123,38 aan bijkomende pensioenrechten opleveren per loopbaanjaar. Per maand betekent dit € 10,28 voor één loopbaanjaar. Voor een volledige loopbaan van 45 jaar betekent dit € 5.552,10 (45 × € 123,38) per jaar of zo’n € 462,68 per maand. Hoe langer u dus nog verwijderd bent van uw pensioen, hoe meer effect deze maatregel dus voor u zal hebben. Moet u bv. nog tien jaar werken alvorens u met pensioen gaat, en bedraagt uw jaarinkomen € 30.000, dan zal uw pensioen door deze maatregel € 102,82 (€ 123,38 × 10 /12) per maand hoger liggen. Let op! Voor alle jaren tot en met 2020 wordt het pensioen nog berekend volgens het oude systeem en wordt er dus nog rekening gehouden met een correctiecoëfficiënt. Verhoging maximaal beroepsinkomen Maximumbedrag. Zoals voor de berekening van de socialezekerheidsbijdragen gelden er ook voor de berekening van het wettelijk pensioen een minimumdrempel en een maximumbedrag. Ook het maximumbedrag aan beroepsinkomsten dat in aanmerking genomen kan worden voor de berekening van het zelfstandigenpensioen wordt verhoogd met 2,38%. Dat zal ook in de volgende jaren van de legislatuur gebeuren tot het plafond in 2024 9,86% hoger ligt dan vandaag. Die stijging komt boven op de index.
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
Indien u reeds vóór 2021 in het bezit was van een buitenlands onroerend goed, zal de fiscus u een vragenlijst toesturen die u hun uiterlijk op 31.12.2021 ingevuld moet terugsturen. Aan de hand hiervan zal de fiscus het buitenlandse ki bepalen. Verwerft u vanaf 2021 een buitenlands onroerend goed, dan moet u daar binnen de vier maanden aangifte van doen. Het ‘nieuwe’ ki zal u pas vanaf 2022 moeten gebruiken. Indien u uw buitenlands(e) onroerend(e) goed(eren) reeds in een vorige aangifte in de personenbelasting heeft aangegeven, krijgt u in de loop van de maand juni een aangifteformulier van de fiscus om het buitenlandse kadastraal inkomen (ki) te bepalen. Wat moet u hierover weten? Onroerend goed aangekocht vóór 2021 Even opfrissen. In onze adviesbrief (lees) lieten we u weten dat de fiscus het ki van uw buitenlands onroerend goed zal bepalen aan de hand van een vragenlijst. De Administratie Opmetingen en Waarderingen (voorheen kadaster genoemd) verstuurt daarvoor deze week het desbetreffende formulier ( https://financien.belgium.be/sites/default/files/aangifteformulier-ki-buitenlands-onroerend-goed_nl_20210614.pdf ) naar ongeveer 170.000 betrokken belastingplichtigen. Wie ontvangt vóór eind juni zo’n formulier? Heeft u in uw aangifte in de personenbelasting van 2020 (inkomstenjaar 2019) het onroerend inkomen van uw buitenlands onroerend goed aangegeven, dan ontvangt u in principe vanaf 15 juni dat aangifteformulier. Als u uw eBox geactiveerd heeft, ontvangt u daarin het digitale formulier. Zo niet ontvangt u het via de post. Wie ontvangt het formulier pas in oktober? Geeft u het onroerend inkomen van uw buitenlands onroerend goed voor de eerste keer aan in uw aangifte in de personenbelasting van 2021, dan ontvangt u pas in september/oktober het betreffende formulier via post of in uw eBox. Tegen wanneer aangeven? U heeft tot 31 december 2021 om uw buitenlands(e) onroerend(e) goed(eren) aan te geven. Let op! Elke houder van een zakelijk recht op een in het buitenland gelegen onroerend goed moet dat individueel aangeven. Bezit u dus samen met uw partner een appartement in Spanje, dan moet u beide een aangifte indienen. Onroerend goed aangekocht NA 2020 Aangifteplicht. Wie vanaf 2021 een buitenlands onroerend goed verwerft, moet daarvan binnen de vier maanden aangifte doen. Indien u in de eerste helft van 2021 een buitenlands onroerend goed kocht en dat al gemeld heeft aan de fiscus, zal u ook weldra het formulier toegestuurd krijgen. Tip. Wie een buitenlands onroerend goed verwierf tussen 01.01.2021 en 24.02.2021, heeft tijd tot 30.06.2021 om dat te melden. Hoe uw aankoop aangeven? U kunt dat: ofwel online via MyMinfin (‘Mijn woning’ → ‘Mijn onroerende gegevens raadplegen’ → ‘Een goed in het buitenland aangeven’). ofwel door het ingevulde formulier te mailen naar foreigncad@minfin.fed.be of via de post op te sturen naar het volgende adres: FOD Financiën - AAPD - Cel buitenlands ki, Gaston Crommenlaan 6 bus 459, 9050 Ledeberg. En na uw aangifte? Vaststelling van het ki. Na ontvangst van uw aangifte(n) zal de fiscus voor elk buitenlands onroerend goed een ki vaststellen en u dat per aangetekende brief meedelen. Gaat u niet akkoord, dan kunt u binnen een termijn van twee maanden bezwaar indienen tegen het betekend ki (art. 499 WIB 92) . Vanaf wanneer te gebruiken? Het nieuwe ki van uw buitenlands onroerend goed zal u voor het eerst moeten aangeven in de aangifte in de personenbelasting die u in 2022 moet indienen (inkomsten van 2021). Voor uw aangifte in de personenbelasting die u dit jaar moet indienen (voor uw inkomsten van 2020), verandert er dus niets.
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
Een ‘loopbaan’ van minimaal 30 jaar geeft u recht op een minimumpensioen ongeacht hoeveel van die 30 jaar u effectief gewerkt heeft. Naar de toekomst toe zou er een minimum aantal effectief gewerkte jaren vereist worden. In de media is er veel te doen over het minimumpensioen als zelfstandige. Concreet zou er het een en ander gaan wijzigen aan de voorwaarden om er recht op te hebben. Hoe zit dat precies? Heeft iedereen recht op het minimumpensioen? Neen, spijtig genoeg niet. De benaming ‘minimumpensioen’ is dus enigszins misleidend. Niet iedereen heeft immers recht op dit ‘minimum’. Het volledige bedrag (voor 2021) van € 1.325,92 bruto per maand (alleenstaande) of € 1.656,88 per maand (gezinshoofd) is immers enkel van toepassing indien u een volledige loopbaan van 45 jaar heeft. Tip. Het bedrag van het minimumpensioen voor zelfstandigen verhoogt sinds 01.01.2021 tot en met 01.01.2024 telkens met 2,65% om zo te landen op € 1.585 (alleenstaande) en € 1.979 (gezinshoofd) per maand. Momenteel is een ‘loopbaan’ van minstens 30 jaar nodig. Bent u minder dan 45 jaar professioneel bezig geweest, dan wil dat niet zeggen dat u geen minimumpensioen zal ontvangen. U komt dan nog in aanmerking voor een evenredig deel van het minimumpensioen, dus naargelang van het aantal loopbaanjaren op voorwaarde dat het er minstens 30 zijn. Heeft u dus bv. een loopbaan van 37 jaar achter de rug wanneer u met pensioen gaat, dan ontvangt u 37/45. Loopbaan is niet steeds hetzelfde als effectief gewerkt hebben. Dat klopt! Momenteel worden ook periodes van werkloosheid, tijdskrediet of loopbaanonderbreking meegeteld om de totale loopbaanduur van iemand te berekenen. Vandaar bv. dat een werknemer die 12 jaar gewerkt heeft en 20 jaar een werkloosheidsuitkering genoot, recht heeft op een minimumpensioen (weliswaar beperkt tot 32/45), maar een zelfstandige die 29 jaar gewerkt heeft uit de boot valt... Zou worden: loopbaan met minstens ‘x-aantal’ jaar effectief gewerkt. In het regeerakkoord werd het als volgt geformuleerd: “Behalve een minimumloopbaanduur zal er ook een voorwaarde van effectieve tewerkstelling of een equivalente maatregel ingevoerd worden”. Sommige partijen spreken in de pers over minstens 20 jaar effectief gewerkt hebben (binnen die loopbaan van minstens 30 jaar), maar wat er uiteindelijk uit de bus zal komen, is momenteel nog koffiedik kijken. Als het een en ander definitief wordt, houden we u zeker op de hoogte...
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
Voor de dagen waarop u minstens zes uur op de baan bent, kunt u zich uit uw vennootschap een belastingvrije dagvergoeding van € 17,75 uitkeren. Bent u dagelijks op de baan, dan kunt u zich per maand € 284 uitkeren. Sinds 1 oktober 2021 kunt u zich als bestuurder van uw vennootschap een iets hogere binnenlandse dagvergoeding uitkeren. Hoe zit de regeling ook alweer in elkaar? En kunt u die vergoeding ook toekennen aan uw personeel? Binnenlandse dagvergoeding Even opfrissen. Als u binnen België een dienstverplaatsing maakt, dan mag u zich daarvoor een forfaitaire vergoeding uitkeren. Zolang die vergoeding niet hoger ligt dan wat federale ambtenaren krijgen voor hun dienstreizen, is de kost volledig aftrekbaar in uw vennootschap en wordt u er privé niet op belast. U moet wel het aantal vergoedingen steeds kunnen verantwoorden door bv. bij te houden naar wie u geweest bent, wanneer dit was, hoelang u weg was, enz. Omdat die vergoeding geacht wordt de kosten van een maaltijd te dekken, moet u in principe wel minstens zes uur (circ. 2018/C/8, 22.01.2018, randnr. 19) weg zijn (verplaatsingstijd, middagpauze en tijd bij de klant) om ze te kunnen toekennen. Let op! De toegekende dagvergoedingen moet u vermelden op de fiscale fiche 281.20 (rubriek 20). Hoeveel? Dat forfait werd per 1 oktober 2021 geïndexeerd tot € 17,75 in plaats van € 17,41 per dag. Dagelijks op de baan? Indien u zo goed als dagelijks beroepsmatig de baan op moet, geldt net als voor de ambtenaren het maximumbedrag van € 284 (dus beperkt tot 16 dagen) per maand, maar in dat geval geldt de voorwaarde van de zes uur wel niet (circ. 2018/C/8, 22.01.2018, randnr. 22) ! Aandachtspunten 40 dagenregel. Bent u voor uw werk in één kalenderjaar 40 dagen of meer aanwezig op één bepaalde plaats, lees: bij één klant, dan is die plaats volgens de fiscus een zgn. vaste plaats van tewerkstelling en mag u dus geen dagvergoeding toepassen (parl. vr. nr. 1, Wouters, 07.03.2013) . Combineerbaar met maaltijdcheque? Een maaltijdcheque en een dagvergoeding voor dezelfde dag uitkeren, doet u beter niet. Indien u dat wel doet, moet u het werkgeversaandeel van de maaltijdcheque (maximaal € 6,91) in mindering brengen van de forfaitaire dagvergoeding. Tip. Andere kosten (bv. parkeerkosten, taxi, enz.) mag u dus nog altijd apart terugbetalen. Combineerbaar met een algemene onkostenvergoeding? Dat hangt ervan af wat daarin begrepen is... Neemt u al een forfaitaire maandelijkse onkostenvergoeding op uit uw vennootschap, en zit daarin al een bedrag vervat voor drankjes, maaltijden en kleine kosten onderweg, dan kan het logischerwijs niet, want dit is dan ‘dubbelop’, zodat u ook nu weer het risico loopt op een gedeeltelijke taxatie als loon. In het andere geval, lees: als de invulling van uw algemene maandelijkse onkostenvergoeding geen bedrag voor dergelijke maaltijden en drankjes onderweg voorziet, dan kan het wel. Ook voor uw personeel? Inderdaad, maar de RSZ aanvaardt het forfait van de fiscus niet en werkt met een eigen forfait dat lager is. Het gaat om € 17 per dag (waarvan € 10 de afwezigheid van faciliteiten dekt en € 7 voor maaltijdkosten dient). Om geen problemen met de RSZ te krijgen, beperkt u zich voor werknemers het best tot € 17 (in plaats van € 17,75) per dag. Nachtvergoeding. Moet u of uw werknemer overnachten binnen België, dan kunt u ofwel de hotelfactuur ten laste nemen, ofwel een forfaitaire vergoeding toekennen van maximaal € 133,18 (geïndexeerd bedrag sinds 1 oktober 2021).
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
Ook dit jaar moet u de vennootschapsbijdrage pas tegen 31 december i.p.v. 30 juni betalen. De basisbijdrage voor 2021 is € 347,50 voor zover het balanstotaal van 2019 maximaal € 706.579,60 is. Een vrijstelling is vooral ‘voorbehouden’ voor BV’s tijdens hun eerste drie boekjaren. Het grensbedrag om te bepalen of uw vennootschap € 347,50 dan wel de verhoogde zgn. vennootschapsbijdrage van € 868 moet betalen, is onlangs vastgelegd. Hoe zit dat precies en heeft u recht op uitstel of vrijstelling van betaling? Even opfrissen. Sinds de jaren 90 is ook een vennootschap verplicht om jaarlijks een soort van sociale bijdrage te betalen. Die bijdrage is € 347,50 voor kmo’s en € 868 voor grote vennootschappen. Balanstotaal als grensbedrag. Om te bepalen of uw vennootschap ‘klein’ of ‘groot’ is, geldt voor de vennootschapsbijdrage enkel het balanstotaal van het voorlaatste afgesloten boekjaar. Dat balanstotaal wordt ieder jaar geïndexeerd en voor 2021 is uw vennootschap ‘klein’ zolang het balanstotaal van 2019 niet méér dan € 706.579,60 bedraagt. Tegen wanneer te betalen? Normaal gezien moet de bijdrage tegen 30 juni betaald worden. Per maand vertraging, de maand van betaling inbegrepen, wordt ze met 1% verhoogd en bovendien bent u als bestuurder hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling. Dit jaar ook? Net als vorig jaar is er voor deze bijdrage een betalingsuitstel wegens de coronacrisis. U moet de bijdrage pas betalen tegen 31 december 2021. Dit uitstel krijgt u trouwens automatisch. U hoeft dus niet te bewijzen dat uw vennootschap betalingsproblemen heeft. Uw sociaal verzekeringsfonds zal de uitnodigingen tot betaling van de bijdrage ook pas in september versturen. Starters. Een startende vennootschap kan in de eerste drie jaar van haar bestaan een vrijstelling van de bijdrage vragen (art. 7 KB, 15.03.1993) als ze niet de vorm van een NV heeft (of een gelijkaardige buitenlandse rechtsvorm) en ingeschreven is in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO). Let op 1! U krijgt de vrijstelling niet automatisch. U moet ze aanvragen via een modelformulier, te verkrijgen bij uw sociale kas. Let op 2! Uw baas en de eventuele andere bestuurders en de meerderheid van de zgn. werkende vennoten die geen bestuurder zijn, mogen in de tien jaar vóór de oprichting niet meer dan drie jaar aan het sociaal statuut van de zelfstandigen onderworpen geweest zijn. Niet-actieve vennootschap. Indien uw vennootschap gedurende een bepaald jaar geen enkele activiteit gehad heeft, is de bijdrage voor dat jaar ook niet verschuldigd. U moet die niet-activiteit wel kunnen bevestigen op basis van een attest van uw controleur vennootschapsbelasting.
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
U heeft nog tot 31.08.2021 de tijd om de nodige (extra) bewijsstukken te uploaden in het UBO-register. De FOD Financiën bracht ook meer duidelijkheid in zijn FAQ-rubriek en gebruikershandleidingen. U kunt zich trouwens gratis telefonisch of via e-mail laten bijstaan. Vennootschappen, VZW’s en stichtingen krijgen tot 31.08.2021 uitstel om het zgn. UBO-register aan te vullen en te bevestigen. Waarover gaat het precies en welke bijkomende informatie moeten ze bezorgen? Wat was het ook alweer? ‘Uiteindelijke begunstigden’ Vennootschappen en andere juridische entiteiten moeten in het UBO-register ( https://financien.belgium.be/nl/E-services/Ubo-register ) aangeven wie er de touwtjes in handen heeft. De te vermelden ‘uiteindelijke begunstigden’ of ‘ultimate beneficial owners’ zijn niet enkel de oprichters en de bestuurders, maar ook de aandeelhouders die meer dan 25% van de effecten bezitten. Hoe doet u het? De melding gebeurt via de website MyMinfin ( https://eservices.minfin.fgov.be/ubo/ ). Heeft u vragen of problemen tijdens de procedure, dan kunt u zich gratis laten begeleiden (02/572 57 57 of ubobelgium@minfin.fed.be ). Extra verplichtingen Extra bewijzen Sinds 11.10.2020 geldt een bijkomende verplichting: u moet aan het UBO-register bewijsstukken toevoegen die aantonen dat de info over de uiteindelijke begunstigden ‘toereikend, accuraat en actueel’ is. Ook telkens wanneer in het register aanpassingen doorgevoerd worden, moet u de bewijzen daarvan uploaden. Tip. Dat kan bv. via aandeelhoudersregisters en -overeenkomsten, overzichten van aandeelhouders-structuren en uittreksels uit schenkingsakten. Wanneer moet dat? Ondernemingen die hun UBO-registratie na 10.10.2020 in orde brachten (of brengen), moesten (of moeten) deze documenten onmiddellijk toevoegen. Wie eerder al in het register opgenomen was, had daar in principe tot 30.04.2021 de tijd voor. Maar net voor die deadline waren amper zes op de tien vennootschappen hun verplichting al nagekomen. De onduidelijkheid over de aard van de bewijsstukken lag vaak aan de basis daarvan. U krijgt uitstel Meer klaarheid Daarom werden de FAQ-rubriek ( https://financien.belgium.be/nl/E-services/Ubo-register#FAQ ) en de gebruikershandleidingen ( https://financien.belgium.be/nl/E-services/Ubo-register#Gebruikershandleiding ) op de UBO-website bijgewerkt. U krijgt hier nu een duidelijker overzicht van de toe te voegen bewijsstukken. Er is ook meer klaarheid over welke begunstigden geregistreerd moeten worden in bijzondere situaties, en u komt er te weten voor welke juridische entiteiten géén meldingsplicht geldt. Nieuwe deadline De deadline voor het uploaden van de bewijsstukken en voor de jaarlijkse bevestiging van de info in het UBO-register werd ook verlegd van 30.04.2021 naar 31.08.2021. Wie zijn meldingsverplichtingen niet nakomt, kan zich dus ten vroegste na de zomer aan eventuele sancties verwachten. Reminders Ook nieuw is het feit dat de FOD Financiën vanaf nu reminders stuurt naar de wettelijke vertegenwoordiger van de onderneming. In zijn berichtenbox op MyMinfin ontvangt die één maand vóór de uiterste datum een herinnering aan de verplichting om de info in het UBO-register bij te werken, of om te bevestigen dat de gegevens die hij eerder invoerde nog altijd up-to-date zijn. Tip. In de komende maanden wordt de UBO-applicatie nog verder uitgebreid. Zo komen er bv. rechtstreekse koppelingen naar het Belgisch Staatsblad en elektronische aandelenregisters, zodat u documenten gemakkelijker kunt toevoegen.
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
Heeft u uw bedrijfsleidersbezoldiging in 2020 verminderd of stopgezet tijdens de periode dat uw vennootschap verplicht moest sluiten, vraag dan aan uw verzekeraar om de 80%-grens opnieuw te berekenen. Had u recht op het crisisoverbruggingsrecht, dan is het niet-aftrekbare premiedeel uitzonderlijk overdraagbaar naar 2021. Heeft u in 2020 het loon uit uw vennootschap tijdelijk laten zakken of stopgezet, dan zijn de IPT- of groepsverzekeringspremies mogelijk niet aftrekbaar voor uw vennootschap of bij u privé belastbaar. De fiscus stelde zich al tolerant op en gaat in een circulaire van 10.06.2021 nog een stap verder! Hoe zit dat juist? Premies IPT- of groepsverzekering Vrijgesteld bij u privé. De premies zijn vrijgesteld bij u privé als u regelmatig en minstens maandelijks een bedrijfsleidersbezoldiging ontvangt van uw vennootschap. Heeft u voor minstens één maand uw bezoldiging volledig (dus inclusief uw voordelen alle aard (VAA)) stopgezet, dan is de premie in principe bij u privé belastbaar! Aftrekbaar voor uw vennootschap. De premies zijn aftrekbaar voor uw vennootschap, in de mate dat er voldaan is aan de zgn. 80%-grens. Die houdt in dat uw totale pensioen, uitgedrukt in een jaarlijkse rente, niet hoger zal zijn dan 80% van uw laatste normale brutojaarloon. Voorwaarden geschonden in 2020? Dan zijn de gevolgen verschillend naargelang u al dan niet uw zaak moest sluiten door de coronamaatregelen. Coronasluiting in 2020 Stopzetting maandelijks loon. Dan blijven de premies toch vrijgesteld bij u privé, als u aantoont dat u tijdens deze stopzetting recht had op het crisisoverbruggingsrecht. Vermindering maandelijks loon. Dan is er sowieso geen probleem en blijft u voldoen aan de maandelijkse bezoldigingsvoorwaarde. De premies blijven dus vrijgesteld bij u privé. Tip. Ontving u tijdelijk geen bezoldiging als dusdanig, maar genoot u nog steeds één of meerdere VAA (bv. de gratis terbeschikkingstelling van een auto) dan geldt dit als een ‘vermindering’ en niet als een ‘stopzetting’ van uw bezoldiging! Lagere 80%-grens! Een stopzetting of vermindering van uw maandelijkse bezoldiging zal wel uw 80%-grens voor 2020 verlagen. Dit betekent dat de pensioenpremies die uw vennootschap in 2020 stortte mogelijk niet volledig aftrekbaar zijn. Niet-aftrekbaar deel overdragen! Had u tijdens de sluitingsmaanden recht op het crisisoverbruggingsrecht, dan mag uw vennootschap de niet-aftrekbare premies uitzonderlijk overdragen naar boekjaar 2021 (circ. 2021/C/55, 10.06.2021) . Tip. In tegenstelling tot het eerdere standpunt van de fiscus (circ. 2020/C/153, 14.12.2020) , geldt deze tolerantie nu ook voor een vermindering (en dus niet enkel voor een stopzeting) van uw bedrijfsleidersbezoldiging. Let op! Het overgedragen premiedeel uit 2020 vormt een voorschot op uw te storten premies van 2021. Geen coronasluiting in 2020 Stopzetting of vermindering loon. Gaat het om een (tijdelijke) stopzetting van uw maandelijkse bezoldiging, dan zijn alle premies van 2020 belastbaar bij u privé. U voldeed immers niet aan de bezoldigingsvoorwaarde. Gaat het daarentegen slechts om een vermindering (bv. u genoot nog een VAA auto), dan blijven de premies vrijgesteld. Niet-aftrekbaar deel niet overdraagbaar! Ook hier zal de 80%-grens lager zijn bij een stopzetting of vermindering van uw maandelijkse bezoldiging. Het overschot aan premies is in dit geval echter niet overdraagbaar, uw vennootschap moet deze dus opnemen in de verworpen uitgaven. Hiervoor geldt de administratieve tolerantie dus niet.
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
Uw jaarrekening van 31 december 2020 moet u uiterlijk op 31 juli 2021 neerleggen. Bij een laattijdige neerlegging kunnen de boetes oplopen tot € 1.200 en kan uw vennootschap gerechtelijk ontbonden worden. Mag u een verkort of microschema neerleggen, dan volstaat het om uw brutomarge op te geven in plaats van de omzet. Wat is de deadline weer voor het neerleggen van de jaarrekeningen? Wat zijn de mogelijke gevolgen van een laattijdige neerlegging? Welke details geeft u vrij? Wanneer neerleggen en wat kost het? U moet de jaarrekening van uw vennootschap binnen de zeven maanden na afsluitingsdatum van uw boekjaar neerleggen bij de balanscentrale van de Nationale Bank van België (NBB). Voor een boekjaar gelijklopend met het kalenderjaar moet uw jaarrekening van 2020 dus uiterlijk op 31 juli 2021 neergelegd zijn. Voor 2021 zijn dit de toegepaste tarieven: Welke ‘details’ geeft u vrij? Mag u een verkort of een microschema neerleggen, dan volstaat het sowieso om enkel uw brutomarge op te geven. Zo vermijdt u dat uw concurrenten, klanten, leveranciers, ... naast op uw omzet zelf ook zicht krijgen op uw aankopen, uw kostenstructuur en uw voorraadwijzigingen. Boete vanaf negende maand. Een boete wegens laattijdige neerlegging krijgt u als uw jaarrekening pas ná de achtste maand na de afsluiting van het boekjaar neergelegd wordt, in september dus of nog later. De hoogte van de boete hangt af van het soort schema dat u moet neerleggen, alsook van het aantal maanden dat de neerlegging laattijdig is: Kans op ontbinden. Sinds 12 juni 2017 kan uw vennootschap een pak sneller dan vroeger zgn. gerechtelijk ontbonden worden (wet van 17.05.2017, BS 12.06.2017) . Het volstaat immers dat één jaarrekening niet binnen een termijn van zeven maanden (dus geen acht maanden, zoals bij de boete) na de afsluiting van het boekjaar neergelegd werd! Sowieso drie maanden respijt. Vraagt er iemand om de ontbinding van uw vennootschap, dan moet de rechter u steeds drie maanden de tijd geven om orde op zaken te stellen en uw jaarrekening alsnog neer te leggen. Let op! Indien de kamer voor handelsonderzoek aan de rechtbank vraagt om uw vennootschap te ontbinden, is de rechter niet verplicht om die drie maanden respijt te geven.
Leg uw jaarrekening tijdig neer! content media
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
Check met uw boekhouder of hij het nodige gedaan heeft voor het UBO-register. Is dat register niet in orde tegen 31.08.2021, dan riskeert u immers een boete tot € 50.000! UBO-register? Dat is de officiële elektronische databank van de fiscus met informatie over de ‘uiteindelijke begunstigden’ (ultimate beneficial owners) van uw vennootschap. Aanvullen en bevestigen tegen 31.08.2021! U of uw boekhouder moet dat register aanvullen met documenten die de juistheid van de ingevoerde informatie aantonen. Daarnaast moet u die informatie ook jaarlijks bevestigen. Is dat nog niet gebeurd, dan heeft u nog tijd tot 31.08.2021. Let op! Er gelden andere regels/termijnen als uw vennootschap pas sinds 11.10.2020 geregistreerd werd of als u na 31.08.2020 een wijziging aangebracht heeft in het register. Te laat? Dan riskeert u een boete tussen € 250 en € 50.000! Is dat iets waar uw boekhouder voor moet zorgen, check dan nu of alles al in orde is.
0
0
0
Jonas Verstraete
21 okt. 2021
In Actualiteit
Dient u de vennootschapsaangifte met recht op een terugbetaling uiterlijk op 30.09.2021 in, dan krijgt u dat geld nog terug in 2021 i.p.v. in 2022. Was dat niet later? Ja, geen paniek, de uiterste datum waarop vennootschappen met een gewoon boekjaar 2020 de aangifte vennootschapsbelasting moeten indienen is inderdaad pas 28.10.2021. Dat was enkele maanden geleden zo aangekondigd en dat blijft zo! Waarom eventueel tegen 30.09.2021 indienen? De aangifte toch al in september indienen is interessant wanneer uw vennootschap een terugbetaling verwacht. Dat is het geval wanneer ze in 2020 meer voorafbetaald heeft dan de belastingen die ze uiteindelijk voor dat boekjaar verschuldigd is. De fiscus belooft nl. dat hij aangiftes met een terugbetaling die ten laatste op 30.09.2021 ingediend worden bij voorrang zal behandelen. U ontvangt dan de terugbetaling, behoudens uitzondering, ten laatste einde december 2021.
0
0
0

Jonas Verstraete

Bijdrager
Meer acties